Bel nu 06 1287 6451

Op stap met een spoedloodgieter in Amsterdam

Kapotte CV-ketel, een lekkage in het dak of een verstopte leiding. NAP Nieuws ging op pad Amsterdam Spoedloodgieter Cas Altman (29).

‘Je bent niet bang voor honden toch?’ Cas Altman knikt vanachter het stuur van de Opel Movano grijnzend naar zijn schoot. Een corgi-achtig hondje loert met grote ogen naar de bijrijdersstoel. Lori, een voormalig straathondje uit Roemenië, moet duidelijk wennen aan het idee dat er vandaag iemand meerijdt. Het is half negen, zijn werkdag begon een uur geleden. De eerste uren is hij vooral bezig met het ophalen van materiaal. Hij legt zijn hand op de pook van de grote grijze bestelbus. ‘Klaar?’

Eerst moet hij nog wat ophalen bij de groothandel en bij zijn eigen loods op een industrieterrein buiten de stad. Overal staat het verkeer muurvast, Cas probeert er zo goed en kwaad als het gaat tussendoor te glippen. Colourful Rebel-petje achterstevoren op zijn hoofd, zijn lange dunne lijf in opperste concentratie over het stuur gebogen. Met zijn iPhone vol barsten in zijn hand, die hij zelden van de versnellingspook afhaalt, rijdt hij in combinatie met een Bluetooth-headset bijna handsfree.

Als spoedloodgieter zit je volgens Cas goed in Amsterdam. ‘Hier zijn het allemaal tweeverdieners. Geld interesseert ze niet, als het maar meteen wordt opgelost. Dan kom je aan en blijkt alleen de stekker van de CV-ketel er niet in te zitten. Daar moet ik dan wel een uur voor schrijven, zo werkt het gewoon.’

Hoe het allemaal is begonnen

Op zijn zestiende begon hij wat bij te klussen bij de buurman, die een loodgietersbedrijf had. Busje wassen, materiaal poetsen. Daar raakte hij bevriend met een 30-jarige loodgieter die hem inschakelde voor klussen die hij zelf niet kon doen. ‘Dan belde hij: ‘Ik zit vast!’ Hij was twee meter lang en een meter breed. Te dik om onder de vloer te kunnen kruipen. Hij had ook nog eens hoogtevrees. Ik sprong overal op of onder.’ Sinds zijn achttiende werkt hij voor zichzelf.
‘Nu ga ik effe iets doen wat niet mag.’ Hij maakt een scherpe u-bocht over de trambaan. Met een blik op twee motoragenten bij het stoplicht veegt hij het hondje van schoot. Zijn telefoon gaat non-stop over. ‘Cas!’ Brult hij in zijn Bluetooth-oortje, terwijl hij de bus abrupt een stoep op rijdt. De eerste stop: de Tweede Kostverlorenkade in West. Een kapotte CV-ketel. Lori wacht in het busje.

In de laadruimte van de bus is elke millimeter benut. Altman klautert behendig over slangen en tussen stellingkasten, hij lijkt alles blind te kunnen vinden. Hij moppert over de klus. De klanten willen hun CV-ketel laten repareren, maar Altman vindt dat er een nieuwe in moet. ‘Zo’n CV-ketel uit het jaar nul, die wil ik niet repareren. Dat gaat tegen mijn principes in. Je haalt er wat uit en je fikst wat, maar er gaat volgende week wel weer iets anders kapot. Dan denken ze dat ik mijn werk niet goed heb gedaan.’

Loes, 28, doet in haar badjas de deur open. ‘Ik heb er kleren onder aan hoor, maar het is zo koud binnen.’ Het is het appartement van haar vriend. Loodgieter Cas duikt in de meterkast. ‘Dit ding is rijp voor het bejaardenhuis!’ Evengoed repareert hij het apparaat. Loes heeft weer warm water.

Terug in de bus grijnst Altman: ‘Zag je wat ik deed met dat stickertje?’ Overal waar hij komt vraagt hij of hij even de CV-ketel mag zien, al komt hij voor een verstopping of lekkage. ‘Plak ik meteen mijn sticker, met mijn telefoonnummer erop. ‘Als je dat nummer belt komt het goed’, zeg ik dan.’ Hij is naar eigen zeggen een van de weinige loodgieters die serieus werk maakt van het werven van nieuwe klanten.

Wees altijd vriendelijk voor klanten

‘Je moet altijd vriendelijk zijn en een babbeltje maken. Ik ken loodgieters, die smeren hun boterhammen, doen zwijgend hun klus, en gaan om 16:00 naar huis. Die vinden dat prima. Ik klets met iedereen. Nu ken ik advocaten, de zoon van Dick’s Autoverhuur, eigenaren van discotheken op Rembrandtplein. Als mensen je aardig vinden, vragen ze je vaker, of raden ze je aan bij een collega of vriend. Ik moet soms wel vijf of tien klussen op een dag afwijzen omdat ik het te druk heb.’

Altman ziet een groot verschil tussen hemzelf en de oudere generatie loodgieters. ‘Al zijn ze maar tien jaar ouder, ze zijn niet opgegroeid met internet.’ Hij is zelf elke dag bezig om zijn vindbaarheid op Google te optimaliseren. Een vriend die bij Adwords werkt, het advertentiebedrijf van Google, helpt hem hierbij.

Google marketing op niveau

Ook vraagt hij aan klanten hoe ze hem hebben gevonden. ‘Je moet denken als een leek. ‘Welke zoekwoorden heb je gebruikt?’ Vraag ik dan. De vaktermen die ik gebruik, kennen zij niet. Dat pas ik dan weer aan op Google.’ Bovendien is hij ook in het Engels te vinden, voor de expats. ‘En ik spaar Google-reviews. Ik heb er nu 74, waarvan 72 keer 5 sterren. Twee mensen hebben 4 sterren gegeven omdat ze dachten dat dat ook wel goed is.’

Een verstopping op de Bestevaerstraat in West. Altman is er al vaker geweest. ‘Dit zie je vaak in Amsterdam. Dan heb je een woonlaag onder de grond, dus ook onder de riolering. Met een pomp moet je het water dan naar boven krijgen. Die dingen raken vaak verstopt.’

Van buiten lijkt het een krappe rijtjeswoning, binnen schuilt een bijzonder ruim, licht en modern appartement. Eveline (44): ‘Pas op voor het trappetje’. Altman stommelt op zijn werkmanslaarzen de akelig steile keldertrap af, waterstofzuiger in de hand. Hij haalt het deksel van de pomp. ‘Papier, papier…’ Handenvol wc-papier komen tevoorschijn. Daarna zuigt hij met de waterstofzuiger het overtollige water weg. ‘Had je een emmertje?’ Af en toe sprint hij naar boven om op straat het water weg te gooien.

Na drie ladingen blijft het water nog steeds staan. Hij belt met de servicelijn van het pompbedrijf. ‘Kijk, zo red ik mezelf overal uit. Betaald leren. De volgende keer doe ik het zelf meteen goed.’ Met zijn telefoon maakt hij wat foto’s die hij doorstuurt naar de servicemedewerker. ‘Ja, dat kan ik wel proberen.’ Hij trapt drie keer tegen de pomp. Wacht even. ‘Nee, dat deed niks.’

Een halfuur later is het probleem verholpen. Eveline kan met haar pinpas betalen, hij heeft een speciaal apparaatje dat hij aanstuurt met zijn telefoon. ‘Mooi hè? De factuur krijgt ze via de mail.’

Voor de volgende klus moet hij in de Staalstraat zijn, midden in het centrum. ‘Dit nummer was het toch?’ Hij twijfelt op welke bel hij moet drukken, en duwt ze dan maar alle drie tegelijk in. ‘Of is het die winkel hier? Klop klop!’ Hij staat al in de zaak. ‘Had er iemand een loodgieter gebeld?’

Conversatie met een klant

Een oudere dame beent zich door de piepkleine, propvolle goochelwinkel een weg naar voren. ‘Ja, dat was hier.’ Wederom een mankement aan de CV-ketel, en een lekkende kraan. ‘Waar zit het expansievat?’ Vraagt Altman. ‘Zo’n grote rode ballon, soms is ‘ie wit.’ Ze heeft er nog nooit een gezien. Er is onlangs een nieuwe CV-ketel ingezet, maar de monteurs heeft ze niet over een expansievat gehoord.

‘Ja, ja, dat was ook wel een beetje klussen met Bob, als ik dat mag zeggen.’ Altman ziet het vaker. Prutswerk. ‘Dan is zo’n vat lastig te vinden, en laten ze het maar zitten. Kan eigenlijk niet hoor.’ Evengoed krijgt Altman het vat ook niet direct gevonden. ‘Kan het onder de vloer zitten?’ Hij stampt op het laminaat. De vrouw trekt wit weg bij het idee dat de vloer er misschien uit moet. ‘Oh, we hebben een kelder! Maar ik weet niet of je daar bij kunt.’

‘Pas op, het is erg zwaar.’ Bezorgd kijkt ze toe hoe Altman het massief stalen luik op de stoep omhoog trekt. Onder het luik verschijnt een lage deur. ‘Ik kom er nooit’, verontschuldigt ze zich. De kelder staat propvol met dozen, in het midden is een smal pad vrijgelaten. Hoe verder hij zich een weg naar achteren baant, hoe verder de staat van ontbinding waarin de spullen zich bevinden. ‘Ik denk dat het hier zit.’ Hij springt een nauwe holte in. ‘Kom je nog?’

Kruipend, en in het pikkedonker installeert hij een nieuw expansievat. Terug bij de bus checkt hij het nummer van de man die verantwoordelijk was voor de installatie van de ketel. ‘Kijk zijn foto op Whatsapp’. Een kale, dikke man in een leren jas. Peuk in zijn mond. ‘Wat een boef.’

Inmiddels is het half drie. Hij scheurt over het Rembrandtplein, zwaait naar een bekende. ‘Hier doe ik veel klussen. Bij Vice bijvoorbeeld. Maar ook bij de Smokeys en de Prime. Ik doe graag discotheken, vind ik leuk.’ Hij draait zijn bus half het gras op, midden op het plein. ‘Lori moet pissen.’ Met zijn handen in zijn zakken sjokt hij achter het hondje aan. Het regent, het beestje heeft er duidelijk geen zin in. ‘We gaan een bakkie doen bij Jeroen’, besluit hij. Jeroen werkt bij een groothandel midden in de Pijp.

‘Een bakkie doen’ duurt bij Altman zo lang als hij nog koffie in zijn beker heeft. En dat is niet lang. Hij ouwehoert wat met Jeroen, klaagt dat de koektrommel leeg is, giet zijn koffie achterover en neemt wat nieuwe onderdelen mee. In totaal is hij misschien tien minuten binnen geweest. Altman beweegt zich de hele dag op een draf. ‘Je komt als spoedloodgieter overal te laat.’

Het is al over drieën, Cas heeft nog niks gegeten sinds hij om 08:00 begon. Op de Ceintuurbaan zet hij bij slagerij Leeuwekamp de wagen met een draaiende motor neer. Twee minuten later springt hij weer achter het stuur, het broodje gaat al rijdend naar binnen. Nog voor de laatste hap weg is draait hij in Zuid de Quinten Massijsstraat in. Hij vraagt zich hardop af of het interessant wordt. ‘Het zijn studenten, die bellen voor elk wissewasje.’

Paulette (25) doet open, Charlotte en Corine, beiden 22, zitten aan de keukentafel. Op de vloer liggen theedoeken, het lekt vanonder de keukenkastjes. ‘Het water in de vaatwasser loopt niet weg, en in de wasbak in mijn kamer ook niet’, zegt Paulette. Cas zet een zware machine neer, waar een lange ijzeren veer uit steekt. De veer gaat in de afvoer. Na tien minuten porren en een luid gebrom is de verstopping verholpen.

Het fonteintje in de slaapkamer krijgt hij niet helemaal zoals hij het wil hebben, het water blijft wat traag weglopen. ‘Om je tanden te poetsen is het goed genoeg. Dat kraantje is misschien wel honderd jaar oud, dat is allemaal lood. Het wordt een heel gedoe om daar iets nieuws in te zetten.’ Paulette gaat akkoord. ‘Waar is je CV-ketel?’ Cas plakt zijn stickertje.

Iedere dag weer spoedklusssen

Ondertussen wordt Cas gebeld voor een spoedklus op de Saenredamstraat in de Pijp. Een lekkage. ‘Zal wel iets met het dak zijn, dan kan ik niks doen. Maar ze klonk zo in paniek, dus ik ga maar even kijken.’ Bij aankomst komen de bewoners zelf ook net aanlopen. Ze hadden een afspraak bij het consultatiebureau die ze niet af durfden te zeggen. De kersverse vader houdt een piepklein baby’tje in zijn armen. Rosie Fay is vandaag precies 40 dagen oud.

In de slaapkamer blijkt het babybadje dat ze hadden neergezet om het water op te vangen totaal overstroomt. Het hele bed is drijfnat. Cas vermoedt een lekkage op het dak. Gelukkig hebben ze de sleutel van de bovenbuurman die op vakantie is. Na een korte inspectie moet het probleem volgens hem bij de dakgoot zitten. ‘Daar kan ik nu niks aan doen. Ik kan je wel het nummer geven van een collega.’

Op naar West, een vaste klant. De CV-ketel van Wilma op de Reinier Claeszenstraat heeft altijd kuren. ‘Hele aardige meid, maar ik zie er altijd tegenop. Vier hoog en dan zit die ketel ook nog eens op een ongelofelijke kutplek.’ Gelukkig is de klus snel geklaard. Er wacht nog één CV-ketel op de Amazonestraat in Zuid.

‘Zo’n dag gaat toch best snel hè?’ Cas vindt dat hij het mooiste beroep heeft dat er bestaat. ‘Ik heb vroeger wel eens een jaar op een bouwproject gezeten. Toen kon ik je elke tien minuten precies vertellen hoe laat het was. Nu? Ik neem mijn hond mee, ga elke dag even wandelen in het park. Kibbeling halen, of een broodje. Ik doe waar ik zelf zin in heb En gewoon lekker hard werken.’

Alleen op zondag werkt hij niet. ‘Nouja, soms komt er een hele mooie klus voorbij, die pak ik dan wel.’ Verder begint hij elke dag rond acht uur in de ochtend en komt hij thuis wanneer het klaar is. Soms is dat om 17:00, soms pas laat. Ook in de bouwvak werkt hij meestal door. ‘Moet ik dan vier weken thuis gaan zitten?’

Zijn eerste echte vakantie vierde hij vier jaar geleden. Toen ging hij vrienden opzoeken in Thailand. Hij zou twee weken wegblijven, maar uiteindelijk bleef hij zes maanden. ‘Het was geweldig. Ik stond om 13:00 op, dan ging ik ontbijten. Om 17:00 lunch, om 23:00 avondeten. Daarna ging ik uit, tot 06:00. Ik had de volgende dag toch niks te doen.’ Zijn tijd in Azië heeft hem veranderd. ‘Jij ziet het misschien niet, maar ik was hiervoor echt nog veel drukker. Onrustiger. Nu kan ik dingen beter loslaten. Daar zeggen de mensen gewoon: ‘Als het vandaag niet af komt, dan komt het morgen wel. Dat vind ik wel mooi.’

Bij aankomst in de Amazonestraat blijkt het om eenzelfde stokoude ketel te gaan als die hij vanochtend al zag op de Kostverlorenkade. Een jonge vrouw doet met een kind op de heup open. ‘English?’ Vraagt Cas. De vrouw knikt. Cas spreekt precies genoeg Engels om als loodgieter uit de voeten te kunnen. Ook hier wilde de huisbaas liever een reparatie dan een nieuwe ketel. In het Engels gaat hij de onderhandeling niet voeren, maar hij zal later de huisbaas wel eens bellen.

Na een krap halfuurtje bromt de ketel als vanouds. Het is iets na vijven. Cas plakt zijn stickertje. ‘Here you see my sticker. If anything is wrong, you call me, okay?’

Hallo daar! Klik op deze What's App button om direct contact met ons te hebben. We staan klaar om uw vraag snel te beantwoorden.

Chat met ons op WhatsApp